Zorgverzekeraars betaalden ongeveer 2100 euro per verzekerde

Verzekeraars keerden in 2010 ongeveer 2100 euro per verzekerde uit. Bij de vergoedingen ging het om zorg uit de basisverzekeringen. Voor vrouwen ligt dat bedrag nog hoger dan 2100 euro. Meer dan de helft van de zorgkosten waren afkomstig uit ziekenhuiszorg. Dat blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek, die afgelopen maandag gepresenteerd werden.

Bevolkingsopbouw
Vooral bij vrouwen waren de zorgkosten fors hoger. Bij deze groep lagen de zorgkosten rond de 2220 euro. Dat komt vooral doordat vrouwen hogere kosten maken in de vruchtbare leeftijd. Daarbij is te denken aan kosten voor verloskunde en kraamzorg. Bovendien waren er meer kosten te zien bij huishoudens met een laag inkomen en bij verzekerden van niet-westerse herkomst.

Bij de mannen worden vooral meer kosten gemaakt op hogere leeftijd. Zij worden vanaf een bepaalde leeftijd vaker in het ziekenhuis opgenomen, waardoor de zorgkosten stijgen. De opname wordt namelijk gedeclareerd bij de zorgverzekeraar van de patiënt.

Top vier zorgkosten
Vooral de ziekenhuiszorg had een groot aandeel in de zorgkosten van 2010. Meer dan de helft van alle vergoedingen vloeiden voort uit de kosten van ziekenhuisbehandelingen. Medicijnen komen met 15 procent van alle kosten op de tweede plaats. De tweedelijns geestelijke gezondheidszorg kwam op de derde plaats. Op de vierde plaats werd de huisartsenzorg vertegenwoordigd.

Lage inkomens
De meeste kosten werden gedeclareerd door verzekerden uit een lagere inkomensgroep.  Uit cijfers van het CBS blijkt dat de kosten van de laagste inkomensgroep ongeveer anderhalf keer hoger zijn dan van de verzekerde met een iets grotere beurs. Vooral van tweedelijns geestelijke gezondheidszorg wordt gebruikgemaakt.

Verschil in herkomst
De duidelijke verschillen zitten vooral in de groepen autochtonen en allochtonen. Voor de autotochtoon betaalde de verzekeraar gemiddeld 2135 euro. Voor niet-westerse allochtonen was dat 1790 euro. Dat bedrag is hoger omdat de meeste zorgkosten worden gemaakt op hogere leeftijd. Dat is ook het aandeel waar het aantal personen met een niet-westerse herkomst klein is.

Het bleek dat, na correctie voor verschillen in de leeftijdsopbouw, de gemiddelde zorgkosten voor niet-westerse allochtonen tot 65 jaar ongeveer 17 procent hoger liggen dan voor autochtone Nederlanders. De hoogste bedragen gaan daar naar de ziekenhuiszorg en tweedelijns geestelijke gezondheidszorg.

Vorige artikel:

Volgende artikel: