Nederland scoort goed op heupindex

Nederland scoort relatief goed op de heupindex, terwijl landen als Amerika een stuk minder goed scoren. Nederland moet alleen Zwitserland voor zich dulden op de heupindex: alleen daar zijn heupoperaties nog goedkoper.

Dat blijkt uit onderzoek van PricewaterhouseCoopers (PwC). PwC onderzocht de prijzen van heupoperaties in tien landen en zette deze vervolgens op een rij in de zogenaamde heupindex, een zelf ontwikkelde index.

Heupindex
Dat Nederland hoog scoort in de heupindex, is goed nieuws. Maar de kans is groot dat u waarschijnlijk nog nooit van de heupindex gehoord heeft. Dat is geen verrassing, want het is de eerste keer dat de prijzen van heupoperaties via deze index worden uitgedrukt.

In principe is de heupindex een uitdrukking die verzonnen is door PwC. De index is een vervolg op de zogenaamde Big Mac-Index van The Economist, die uitdrukt hoe lang mensen moeten werken om één hamburger te kunnen betalen.

Dat doet PricewaterhouseCoopers ook met de prijs van heupoperaties via de zogenaamde ‘heupindex’. Het is een creatieve manier om te koopkracht te kunnen vergelijken met de reële kosten. Met andere woorden: de kosten van zorg in Nederland wordt vergeleken met andere landen, terwijl de index aan de koopkracht wordt gecorrigeerd. Daarmee kunnen internationale consumenten een goed beeld krijgen van hoe hoog de zorgkosten in verschillende landen zijn.

Al doet de naam anders vermoeden, de heupindex drukt niet alleen maar uit hoe lang iemand moet werken om een heupoperatie te kunnen betalen. De heupindex drukt bijvoorbeeld ook uit hoe lang iemand moet werken om een keizersnede of een staaroperatie te kunnen betalen. In de gevallen van keizersnede, staaroperatie of heupingreep scoort Nederland vrij hoog in de heupindex. Dit houdt in dat de zorgkosten iets minder hoog zijn dan Nederlanders in eerste instantie denken.

Nederland doet het goed
Het goede nieuws: Nederland doet het erg goed op de heupindex van PwC. Alleen Zwitserland doet het beter dan Nederland. Amerikanen moeten bijvoorbeeld drie maal zo lang werken als Nederlanders om één heupoperatie te kunnen betalen. Via de heupindex wordt het aantal uren dat een inwoner moet werken om een heupoperatie te kunnen betalen uitgedrukt.

In de vergelijking nam PwC tien landen onder de loep, waaronder Nederland. Uit de index kan ook afgeleid worden dat een ziekenhuisopname in Nederland gemiddeld nog vrij weinig kost in vergelijking met andere landen. De heupindex toont aan dat de zorgkosten in Nederland een stuk minder hoog zijn dan mensen vaak denken.

Kostenefficiënt
Jan Willem Velthuijsen, chief economist bij PwC onderstreept dat de Nederlandse zorgkosten eigenlijk wel meevallen. Dat doet hij aan de hand van de zelf ontwikkelde heupindex. Veel consumenten zeggen regelmatig dat de zorgkosten erg hoog liggen en dat om die reden de zorgpremie ook ieder jaar hoger wordt. Het is immers ook een veel gehoorde reden van diverse politici.

Maar volgens Velthuijsen valt het wel mee met die hoge ziekenhuiskosten. “De index toont zelfs aan dat we in Nederland in staat zijn om op een kostenfficiënte manier ziekenhuiszorg te verlenen.” Volgens Velthuijsen doen we het zelfs een stuk beter in vergelijking met landen als de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk.

In Nederland maken ziekenhuis relatief slim gebruik van moderne technologie. Op die manier worden de ziektekosten relatief goed beperkt,  waardoor wij als land relatief goed scoren op de heupindex. Andere landen hebben meer moeite met het organiseren van zogenaamde tweedelijns zorg.

Tweedelijnszorg
Met tweedelijnszorg worden ziekenhuizen en geestelijke gezondheidszorg bedoeld. In principe is tweedelijnszorg alleen mogelijk na verwijzing van een medisch specialist of huisarts. Met andere woorden: er is toestemming nodig van een zorgverlener uit de eerstelijnszorg om toegang te krijgen tot de tweedelijnszorg.

In Nederland organiseert men de tweedelijnszorg op een redelijke efficiënte manier. Dat blijkt uit de heupindex van PwC.

De heupindex kan een nuttige toevoeging zijn voor zowel zorgverleners als de politiek. In totaal geven wij als land 13 procent van het bruto binnenlands product uit aan de gezondheidszorg. In vergelijking met andere landen betalen geven Nederlanders relatief veel uit aan de gezondheidszorg. Alleen in de Verenigde Staten gaat nog meer geld naar de gezondheidszorg: 18 procent van het bruto binnenlands product. Daarmee komen we als Nederlanders voor nieuwe vraagstukken te staan, zo schrijft PwC op haar eigen website.

Controle
Volgens PwC zit het als volgt met de heupindex: als een land erg rijk is, geeft het land een groter deel van de welvaart weer uit aan de zorg. In absolute zin geeft Nederland veel geld uit aan de zorg in Nederland. Dat hoeft niet per se te betekenen dat er op een inefficiënte wijze gewerkt wordt. In vergelijking met andere landen betalen we weliswaar veel, maar we krijgen er ook meer voor terug. “We hebben de zorgkosten wel minder onder controle en de kosten van langdurige en geestelijke zorg stijgen sneller dan de kosten van ziekenhuiszorg”, merkt Velthuijsen op.

Vorige artikel:

Volgende artikel: