2014: niet meer onbeperkt naar de fysio

Wie veel gebruikmaakt van fysiotherapie, moet het komende zorgjaar goed opletten. Vanaf 2014 snijden zorgverzekeraars in de aanvullende zorgpolissen. Volgend jaar is er geen aanbieder van zorgverzekeringen meer die de behandelingen voor fysiotherapie onbeperkt vergoedt.

Ouderen en chronisch zieken betalen meer
Vooral ouderen en chronisch zieken gaan de nieuwe plannen voor de aanvullende verzekeringen merken. Zij moeten na 1 januari een groter deel van de zorg zelf betalen. Verschillende vergelijkingssites analyseerden de aanvullende zorgpakketten. Uit die analyse bleek dat de verzekerde meer zelf moet betalen, maar dat de verzekerde daar ook fors minder voor terug krijgt. Het enige lichtpuntje: de premie van het basispakket daalt wel met gemiddeld tien procent.

Tandheelkunde en fysiotherapie
Tandheelkunde en fysiotherapie zitten niet in het basispakket. Een verzekerde met een basisverzekering krijgt daarom niets vergoed voor tandartsenzorg en fysiotherapie, als hij of zij daar geen aparte verzekering voor afsluit. Een behandeling bij de tandarts of fysiotherapie is relatief duur. Ook voor verzekeraars zijn de kosten nu niet meer op te brengen. Daarom leggen de verzekeraars nu de vergoedingen aan banden.

Verzekeraars Stad Holland, Interpolis en De Friesland gooien de aanvullende zorgverzekeringen radicaal om. Complete aanvullende pakketten worden volledig geschrapt. Deze drie verzekeraars waren de laatsten in Nederland die nog uitgebreide pakketten boden. Dat is nu verleden tijd.

Een maximum van veertig
Zorgverzekeraars Menzis en De Friesland schaffen de onbeperkte behandelingen bij de fysiotherapeut helemaal af. De Friesland maakt nu al een probleem van het aantal behandelingen. Bij veertig behandelingen moet de verzekerde aan de verzekeraar aantonen dat de behandeling aanslaat. Is er dan geen direct resultaat te zien, dan wordt de verzekerde afgewezen en moet hij of zij binnen de veertig behandelingen blijven.
Wie meer behandelingen wil, kan uiteraard behandeld worden bij de fysiotherapeut. Maar dan wel op eigen kosten.

Dat is tegen het zere been van bijvoorbeeld het Reumafonds. Volgens het Reumafonds blijkt uit onderzoek dat reumapatiënten – die nu nog gebruikmaken van fysiotherapie – straks zich weer wenden tot de huisarts. Die schrijft dan meer medicijnen voor. Vervolgens is er meer thuiszorg nodig en dat maakt de zorg niet goedkoper.

‘De schuld van de jongeren’
Hoe komt het eigenlijk, dat de aanvullende zorgverzekeringen zo dramatisch veranderen? Volgens de verzekeraars is het min of meer ‘de schuld van de jongeren’. Doordat die groep verzekerden erg prijsbewust is, lijden zorgverzekeraars verliezen. Jongeren zeggen namelijk massaal hun aanvullende zorgverzekeringen op, om zo geld te besparen. Een vergelijking: in 2006 verzekerde 93 procent van de Nederlanders zich ook nog eens aanvullend. In 2013 is dat percentage nog maar 86 procent.

Volgens de verzekeraars zet die trend zich nog wel even voort. Dat is geen gewenste situatie voor de verzekeraars, want zonder de premies van gezonde jongeren, heeft de verzekeraar niet meer genoeg inkomsten om alle zorgvragen te kunnen betalen.

Beloning
Jongeren krijgen nu een soort beloning voor de verandering in hun gedrag. Zorgverzekeraars Achmea en VGZ bieden jongeren bijvoorbeeld een veel lagere premie voor hun aanvullende zorgverzekeringen. Daarentegen betaalt een 65-plusser steeds meer. De oudere verzekerde betaalt tot wel 286 euro meer voor een aanvullende verzekering dan een 18-jarige.

Gelijkmatig verhogen
Geen enkele zorgverzekeraar kiest er voor om alle aanvullende verzekeringen gelijkmatig te hogen. Met ‘gelijkmatig verhogen’ bedoelen zorgverzekeraars letterlijk het verhogen van de premie voor alle verzekerden, ongeacht het zorggedrag. Het loont nu om zo min mogelijk te declareren. Daardoor voelen chronisch zieken en ouderen zich nu gedupeerd.

Zo houden we de kosten onder controle
Aanvullende verzekeringen zijn ooit ingevoerd als redmiddel. De kosten voor de zorg konden op deze manier onder controle blijven. De Tweede Kamer controleert van periode tot periode welke behandelingen wel noodzakelijk zijn en welke niet. Zodra de Tweede Kamer vindt dat een bepaalde behandeling niet per se noodzakelijk is, geeft de Tweede Kamer het advies om de behandeling niet te vergoeden. Wie zich dan wil verzekeren tegen de kosten van een behandeling, moet een (duurdere) aanvullende zorgverzekering afsluiten.

De gedachtegang? Alle  verzekerden kunnen zich tegen alle denkbare aandoeningen en behandelingen verzorgen. Maar dat was een paar jaar geleden. Volgens verschillende vergelijkingssite is de praktijk nu veranderd.

In gesprek
Zorgverzekeraar Menzis geeft aan in gesprek te zijn met fysiotherapeuten. De zorgverzekeraar wil met de beroepsgroep en de patiëntenvereniging graag discussiëren over een passende oplossing. Die oplossing bieden de zorgverzekeraar en de fysiotherapeuten dan aan bij de politiek. Nu blijft de grote vraag: volgen andere verzekeraars? Of blijven die bij de norm van maximaal veertig behandelingen?

Vorige artikel:

Volgende artikel: